Familie van Keulen

Georgius

Georgius Colonius

M

Vader
Hans / Johannes van Ceulen / Colonius
Moeder
Geertruyd Doegewaard
Relaties
Willemina Steur
Elisabeth Gersthoven

Kinderen met Willemina Steur
Geertruijd Colonius
Willemijna Colonius
Jan Colonius

Kinderen met Elisabeth Gersthoven
Johanna Colonius
Susanna Colonius
Jan Colonius
Dirck (Didericus) Colonius
Dirk Harmen Colonius
Toen de latere vingerhoedmaker Pieter Prop in 1716 op 36-jarige leeftijd trouwde met Willemina Colonius1151, had hij al een heel leven achter zich (Bijlage 4a). Op 27 oktober 1712 vertrok hij in dienst van de VOC voor het eerst naar Oost-Indië als schip- per van het fluitschip „Amazone” voor een salaris van ƒ 66 per maand1152. Na vijf maan- den bereikte het schip de Kaap en een maand later vertrok het vandaar naar Batavia waar het nog geen drie maanden later aankwam. De terugreis verliep voorspoedig en op 30 juli 1714 zeilde het de thuishaven binnen1153. Begin 1715 voer Prop als schipper van de „Samson” opnieuw naar Batavia, maar keerde terug op de „Linschoten”, waarvan de schipper overleden was. Zijn loon was op die reis ƒ 72 per maand1154, welk hogere bedrag mede te verklaren is doordat de „Samson” en de „Linschoten” groter waren dan de „Amazone”1155.
Zijn huwelijk betekende voor Pieter Prop het einde van zijn loopbaan als schip- per**). Hij ging zich toeleggen op de handel en in dat kader onder meer samenwerken met Pieter van Rijssel sr. Zij zullen met elkaar in contact gebracht zijn door Willem van Rijssel die al geruime tijd een zakelijke relatie onderhield met neurenbergier Georgius Colonius, de schoonvader van Prop. Toen Willem van Rijssel in het voorjaar van 1698 als schepen van Vianen bij Jan van der Heyden en Zoon een koperen slangbrandspuit had gekocht, betaalde hij met een assignatie van ƒ 380 op Georgius Colonius1156 (Afb. 56). Colonius verkocht vingerhoeden van de familie Van Rijssel in zijn neuren- bergerwinkel in de Warmoesstraat***), waar de „IJsere Kist” uithing. Prop stak geld in de vingerhoedmakerij in Vianen en zorgde via zijn schoonvader voor de afzet. Na de beëindiging van de samenwerking met de familie Van Rijssel of misschien al eerder was hij geassocieerd met zijn schoonvader Georgius Colonius en zijn zwager Jan Colonius1157. Aan de Bloemgracht zette Prop zelf een vingerhoedmakerij op poten. Hij kende het productieproces en de afzetkanalen, maar had de verdiensten niet nodig. Hij stichtte haar wellicht meer met het oog op de toekomst van twee van zijn dochters, die lang ongetrouwd bleven. Tenminste een van hen werkte vele jaren in het bedrijf. Na zijn dood zette Willemina Colonius met haar halfbroer Jan de zaak voort.
bron: UvA-DARE (Digital Academic Repository)
Vingerhoedmakers en hun bedrijven in de tijd van de Republiek
Boon, H.; Langedijk, C.A.


“Neurenberger Waren”. Daarvoor zou ook zeker een markt zijn in Tiel, waarin de leden van de plaatselijke elite elkaar graag aftroefden met nieuwigheden.

Het waren steevast producten van thuisvlijt uit het in korte tijd hierdoor beroemd geworden Neurenberg. Poppen, toverlantaarns, miniatuurwinkeltjes, bewegend speelgoed etc. etc.. Ingenieuze en zeer kostbare sierstukken en prullaria, die tegenwoordig nog vaak voorbij komen in “Kunst en Kits” en die we in moderner vorm terugvinden op elke braderie van enige betekenis. Maar in de tweede helft van de 18e eeuw waren die Neurenberger Waren zo populair geworden dat de leden van stedelijke ambachtsgilden, zilversmeden, tinnegieters, koperslagers de gevolgen voelden in hun omzet en veel stads- en kreisbesturen de import van Neurenberger spullen verboden.
bron: de tielenaar.nl Neurenberger waren Door Huub Van Heiningen Op okt 29, 2015