241 Joffr. Maria Elisabeth Kempincks, weduwe Hellendoorns, Joffr. Hester Creyvengers, weduwe van wijlen Dor. Otto Temminck, en zich mede sterk makende en de rato caverende voor de E. Jacob Odendael (zoon van Stephan Odendal, kaiserlichen notar in Dinslaken), ook Joffr. Reinera Verwers, mitsgaders de E. Reinier Temminck en Joffr. Walburch Hachten e.l., tezamen erfgenamen van wijlen de Heer Reinier Kempinck, verklaren eeuwiglijk en erfelijk verkocht te hebben aan de kinderen en erfgenamen van zal. Reinder Beeckhuis een huis, staande en gelegen in de Rijnstraat, Ariaen van Zeijst ter eenre- en Jan Kaer ter andere zijde, met de annexe stal in de Varkenstraat uitgaande, en dat voor een somma van 800 gl., die aan hun, comparanten, volkomenlijk zijn voldaan en betaald, en dienvolgens het gemelde huis met de stal aan voorzegde kopers te transporteren en op te dragen [enz.];
Bron:
archieven.nl
20-04-1676
446 Francois Kempinck en Mechtelt Noij e.l. hebben tot voldoening aan het app.t van E. en Eerb. magistraat dezer stad, op 19-04-1676 gegeven, nl. van te zullen doen behoorlijke rekening, bewijs en reliqua van alle inkomende schulden en crediten, die hij, comparant, van zijn zusters Cristina en Helena en broeder Reijnier Kempincx nalatenschap zal komen te ontvangen, verbonden zijn gedeelte van 2 huizen in de Weverstraat, nog van een huis bij de Velperpoort en voorts alle zijn gerede en ongerede goederen in deze stad en schependom te bevinden;
1699 februari 10
Maria Hellendoorn, voor zich zelf en als erffuijttersche van haar ouderlijken boedel, Hester Theodora Craeijvanger, weduwe van dr. Otto Temminck, voor zich zelf en zich sterk makende voor Jacobus Oldendael, Reinier Temminck en Walburch Hachven, echtelieden, Reijnera Maria Verwers, Henrick Raep en Mechtelt Mooij, echtelieden, dr. Goswijn van Steenler voor zich en als erffuijtter van zijn ouderlijke nalatenschap, met elkander uitmakende de zeven erfgenamen van juffrouw Reijnera Valckenburch, hebben overgegeven en getransporteerd aan graaf en gravinne van Atholone een stuk weiland op den Steeg, genaamd de Veeweijde, groot ongeveer 6 schaerweiden. Ten overstaan van Henrick Otters, secretaris der stad Arnhem en dr. Wilhelm van Steenler, als geërfden in Veluwenzoom, 1699 februari 10. 1 charter
N.B. Op perkament, ondertekend door de verkopers en geërfden, met uithangende zegels in rood was der geërfden en van dr. Goswijn van Steenler, die op verzoek der verkopers voor zich en voor de anderen zegelt, zijn zegel draagt tot randschrift: sig. Cornelij v. Steenler J. V. D. bron:
archieven.nl
178 Bartolt Kempinck en Gerritgen Hermans e.l. sub et re Dor. Henrick Temminck, advocaat voor den Hove van Gelderland, en Sibilla Kempinck e.l. een overlantse keurvorster Rijns goudgl. 's jaars, op St. Martensdag verschijnende en gaande uit Jaegers campken, voor de Velperpoort der stad Arnhem gelegen, in plaats van de tiende, verschreven en gereverseerd door wijlen Reijner Kempinck ten behoeve van abt en het convent van Preumen vermogens brief van 28-06-1556, waar deze door getransfigeerd is, gelijk dezelve brief eerst Zijne genade graaf Ernst Caisimir van Nassau, veldmaarschalk, als het recht hebbende van genoemde abt en convent en daarna door overgifte door Zijne genade aan zijn, Bartolts, vader Reijner Kempinck zal. toekomende is en zoals dezelve eindelijk bij magescheid, tussen hem, Bartolt Kempinck, en zijn broeders en zusters opgericht, hem is toegedeeld; https://www.archieven.nl/nl/zoeken?mivast=0&mizig=109&miadt=37&miaet=54&micode=2003_419&minr=30332042&miview=ldt